Lab

De salon (I/II)

17 Jan 2014

Leider ist der Eintrag nur auf Amerikanisches Englisch verfügbar. Der Inhalt wird unten in einer verfügbaren Sprache angezeigt. Klicken Sie auf den Link, um die aktuelle Sprache zu ändern.

Nanda Janssen: De salon (I/II)

De woonkamer aan zet, deel 2

vrijdag 17 januari 2014
Nanda Janssen | Ik dacht hier uit te pakken met een blog over salonachtige activiteiten in private woonkamers maar ik kom erachter dat veel salons buiten huiselijke kring plaatsvinden. De salon is de laatste jaren ruimhartig geadopteerd door musea en andere kunstinstellingen. Kunstinstellingen zijn voortdurend op zoek naar nieuwe presentatievormen. In dat licht besprak ik eerder al het lab / de werkplaats. De salon is een andere loot aan die stam. Dit wordt dus niet zozeer een verhaal over woonkamers maar een over salons.

Dat neemt niet weg dat huiskamersalons wel degelijk georganiseerd worden. Die hele besloten, private salons laten zich niet makkelijk vinden. Ik organiseer zelf zo’n salon en naast de invités weet niemand daar iets van. Ik houd een salon naar ouderwets model: een regelmatig plaatsvindend diner voor een besloten kring kunstenaars in mijn eigen woonkamer. Om diverse redenen ben ik ermee begonnen: ik beschikte ineens over een grote woonkamer én over tijd, ik wilde graag kunstenaars en curatoren in mijn eigen stad leren kennen en het CBK was gesneuveld. Tel daar bovenop mijn hang naar Parijs en een salon is geboren. In het ene boek over Parijs zijn de verhalen over de zeventiende- tot vroeg twintigste-eeuwse salons nog kleurrijker opgetekend dan in het andere. Namen en verhalen buitelen over elkaar heen: Mata Hari die roem vergaarde door haar salonoptredens, de geestverruimende Club des Hachichins van Baudelaire, de literaire salon van Prinses Mathilde die wekelijks gefrequenteerd werd door gebroeders De Goncourt, Flaubert en andere Franse auteurs en de invloedrijke salon van Gertrude Stein, om er een paar te noemen.

Salons die voortvloeien uit het eigen verleden
De eigen geschiedenis speelt een rol in het ontstaan van de ‘Salon van de Imaginaire Kunsten’ in Huize Frankendael. Onder deze noemer vonden afgelopen november vier salons plaats. Deze kunstinstelling is gevestigd in een achttiende-eeuws buitenhuis in Amsterdam waar indertijd op zeventiende- en achttiende-eeuwse Frans literaire en filosofische leest gestoelde salons gehouden werden. Huize Frankendael put voor haar programmering dus inspiratie uit haar eigen geschiedenis. De huidige salons zijn een manier om een actieve beleving rond de tentoonstellingen te creëren en deze aan te vullen met denkbeelden uit de filosofie, literatuur, muziek en andere disciplines. Tijdens de derde salon werd je ontvangen met champagne en oesters en luisterde je in de historische salon (de kamer) naar verschillende sprekers. De sfeer was intiem en geconcentreerd. De salons in Huize Frankendael staan door de locatie, de multidisciplinaire benadering en de aankleding redelijk dicht bij de oorspronkelijke invulling van de salon. Al was de uitwisseling, een belangrijk kenmerk van salons, hier eenrichtingsverkeer: van spreker naar publiek.

Silvia Martes in gesprek met Wieteke van Zeil tijdens de Sunday Salon, 15 december 2013, Castrum Peregrini, Amsterdam

Ook de salons bij Castrum Peregrini in Amsterdam komen voort uit het eigen verleden. Een veel recenter verleden deze keer. Voordat Castrum Peregrini in 2007 de huidige ruimte betrok, organiseerde de stichting vanaf de vroege jaren negentig zo’n zes keer per jaar woonkamer salons bij medewerkers. Zo’n tien tot veertig genodigden woonden die bij. De term salon benadrukte de uitwisseling op een zeker intellectueel niveau. Opvallend aan dit voorbeeld is hoe de woonkamersalon een tweede leven kreeg in hun white cube aan de Herengracht en openbaar is geworden. Salons vormen een wezenlijk onderdeel van het huidige programma. Het is zelfs een aparte rubriek op hun website: ‘Get inspired! Visit our After Sunsets evening salons at Castrum Peregrini’.

Ontworpen salon
Het Rotterdamse ontwerpduo Koehorst in ’t Veld geeft, zoals het ontwerpers betaamt, hun Salon Dictionnaire zorgvuldig vorm. Niet alleen fungeert een woord als thema – ‘Japan’ of ‘welkom’ – en vindt het plaats in de Salon Oblique, ook worden de genodigden gevraagd een gerelateerd voorwerp mee te nemen dat letterlijk kan fungeren als conversation piece. Daar waar Koehorst in ‘t Veld doorgaans catalogi, tijdschriften en dus inhoud ontwerpt, genereert de salon direct inhoud. Naast verdieping schuilt ook een netwerkidee achter de salon. Per salon nodigen ze 25 bekenden en onbekenden uit die met het onderwerp te maken hebben (waarvan er zo’n vijftien daadwerkelijk komen). De serieuze intenties blijken uit het feit dat de (besloten) salon in de nieuwsbrief is opgenomen en daar niet onder doet voor ontwerpopdrachten. Verschillende sporen leidden tot het organiseren van deze salon. Een ervan is de biografie over Diderot waarin de kostelijk beschreven salons een belangrijke rol spelen. Pierre Bayle, de inspirator van Diderot en auteur van het boek Dictionnaire waaraan deze salon haar naam ontleent, richtte salon ‘De Lantaarn’ op nadat hij naar Rotterdam was gevlucht.

Salon Oblique, locatie van de Salon Dictionnaire, Koehorst in ’t Veld, Rotterdam

Staat de wieg van de salonopleving in Berlijn?
Een ander spoor leidt naar Berlijn. Door het verblijf in residency AIR Berlin Alexanderplatz maakte Koehorst in ’t Veld in 2011 voor het eerst actief kennis met het fenomeen salon. Voorwaarde voor deze residency is namelijk dat de resident een of meer salons organiseert door experts uit verschillende disciplines uit te nodigen die van belang zijn voor diens onderzoek. De invulling van de salon – het onderwerp, de gasten (en het aantal), de plek, het tijdstip, het programma – staat niet vast maar volgt uit de inhoud. Eén salon had bijvoorbeeld het karakter van een boekenclub, Florian Göttke hield een picknick in de dierentuin, Martine van Kampen een salon in Skulpturenpark Berlin Mitte en anderen hielden het in de residency zelf. In de loop der jaren zijn op deze manier dus meer of minder experimentele salons ontstaan. Alhoewel er ook mensen van statuur komen, wordt daar geen ruchtbaarheid aan gegeven. Powerplay en status zijn afwezig, iedereen is gelijkwaardig. De uitwisseling van kennis en inzichten staat voorop.

Dat we nu in Berlijn zijn aanbeland verbaast me niet. Ik heb het vermoeden dat de huidige salonopleving hier is begonnen maar ik kan het niet hard maken. Berlijn loopt al langer voorop wat alternatieve economie en underground cultuur betreft. Huiskamerrestaurants, -cafés en -clubs in tijdelijk gekraakte panden zijn daar praktisch uitgevonden. Salons passen in die tendens. Susanne Kriemann, een van de drijvende krachten achter AIR Berlin Alexanderplatz, bevestigt dit beeld. Naast haar eigen salon zijn er bijvoorbeeld de Salon Populaire en de Salon für ästhetische Experimente in Haus der Kulturen der Welt. Ook de theaterwereld heeft de salon omarmd. Een goed voorbeeld is de Volksbühne die allerhande salons organiseert – van Chanson Salon tot Roter Salon Club.

Salon door Maartje Fliervoet, 15 december 2013, Air Berlin Alexanderplatz, Berlijn. Foto: Aleksander Komarov